Definify.com

Definition 2024


pluimstrijken

pluimstrijken

Dutch

Verb

pluimstrijken

  1. to fawn, to be a sycophant

Inflection

Strong inflections may also be found.

Inflection of pluimstrijken (weak)
infinitive pluimstrijken
past singular pluimstrijkte
past participle gepluimstrijkt
infinitive pluimstrijken
gerund pluimstrijken n
verbal noun
present tense past tense
1st person singular pluimstrijk pluimstrijkte
2nd person sing. (jij) pluimstrijkt pluimstrijkte
2nd person sing. (u) pluimstrijkt pluimstrijkte
2nd person sing. (gij) pluimstrijkt pluimstrijkte
3rd person singular pluimstrijkt pluimstrijkte
plural pluimstrijken pluimstrijkten
subjunctive sing.1 pluimstrijke pluimstrijkte
subjunctive plur.1 pluimstrijken pluimstrijkten
imperative sing. pluimstrijk
imperative plur.1 pluimstrijkt
participles pluimstrijkend gepluimstrijkt
1) Archaic.

Derived terms